“De klik verdient meer aandacht in de fysiotherapie”

Mieke van Wijk-Engbers (links) en Ariane Hagen

Waarom is een goede klik tussen patiënt en behandelaar zo belangrijk? Hoe komt zo’n klik tot stand? Wat vraagt dat van zorgverleners en cliënten en wat levert het op? In deze interviewserie vertellen behandelaars en patiënten over hun ervaringen.

“Kwetsbaarheid is het sleutelwoord van onze patiënten”, zeggen de psychosomatische fysiotherapeuten Ariane Hagen en Mieke van Wijk. “Zij moeten zich lichamelijk én geestelijk bloot durven geven. Dat lukt alleen als we een klik hebben.”

Psychosomatische fysiotherapeuten zijn gespecialiseerd in klachten aan het houdings- en bewegingsapparaat, die samenhangen met stress. En klachten als pijn en vermoeidheid, waarvoor geen direct lichamelijke oorzaak kan worden gevonden. “Meer dan de gewone fysiotherapeut hebben wij ook aandacht voor de psychische factoren die daarbij een rol kunnen spelen”, zegt Mieke van Wijk. “Patiënten moeten zich bij ons niet alleen letterlijk uitkleden”, zegt Ariane Hagen. “We vragen ze ook het hemd van het lijf over wat er nog meer aan de hand is. Hebben ze spanning? Wanneer en waarom? Hoe gaan ze om met emoties? Wat is er in hun leven gebeurd dat de balans is verstoord?”

Niet gehoord en gezien

Voor beiden is het zonneklaar dat zonder een vertrouwensrelatie tussen psychosomatisch therapeut en patiënt geen zinvolle behandeling mogelijk is. “Het hemd is zo uitgetrokken”, zegt Hagen. “Maar jezelf psychisch blootgeven, dat doe je niet zomaar.” Daar komt bij dat veel van hun patiënten jarenlang van het kastje naar de muur zijn gestuurd door huisartsen en therapeuten: “Niks aan de hand, het zit allemaal tussen je oren.” “Huppakee, ga gewoon bewegen en klaar.” Van Wijk: “Iedere keer werden ze als aanstellers weggezet. Zodra ze weer het gevoel krijgen dat ze niet worden gehoord of gezien, haken ze af.” Juist daarom investeren Van Wijk en Hagen veel tijd in het opbouwen van een vertrouwensband met hun patiënten. “Dan heb je over aandacht, tijd, empathie en het wederzijds uitspreken van verwachtingen”, zegt Van Wijk. “Maar waar het precies in zit of er een klik tot stand of niet, weten we eigenlijk nog niet goed.”

Onderzoek

In de psychologie en de psychiatrie is al behoorlijk veel onderzoek gedaan welke aspecten een rol spelen bij een goede interactie tussen patiënt en therapeut. Maar in de fysiotherapie staat dat onderzoek nog in de kinderschoenen. Wel laten enkele recente studies zien dat een betere therapeutische relatie zorgt voor een beter behandelresultaat. Bijvoorbeeld bij chronische lage rugpijn. Hagen: “In dat onderzoek werd het resultaat van twee verschillende interventies gemeten. Voor de uitkomst maakte het niet veel uit voor welke interventie werd gekozen. Maar als de fysiotherapeut empathie toonde, actief luisterde naar wat de patiënt vertelde en doorvroeg naar emotionele factoren, hielpen beide interventies beter.”

Minder pijn en beperkingen

Ook in hun eigen praktijk merken ze dat een goede therapeutische relatie zorgt voor minder pijn, minder beperkingen en meer tevredenheid bij patiënten. Van Wijk vertelt over een patiënte met rugklachten die af en toe terugkeerde. Eens in de paar jaar kwam ze langs en na een paar sessies voelde ze zich weer goed. Toen ze verhuisde, koos ze voor een andere fysiotherapeut. Na een half jaar belde ze Van Wijk: “Mag ik alsjeblieft weer bij je terugkomen?” Van Wijk: “Ze was achttien keer door die fysiotherapeut behandeld, maar het hielp niet. Na twee behandelingen bij mij waren haar klachten weer over.”

De therapeut als instrument

Technisch gezien is ze niet beter dan welke andere therapeut ook, daar is Van Wijk van overtuigd. “Deze mevrouw had traumatische jeugdervaringen. Bij mij kon ze het toelaten om aangeraakt te worden. Bij de andere therapeut lag ze strak gespannen op de bank.” Het doet er dus toe welke fysiotherapeut de behandeling uitvoert, wil ze maar zeggen. Hagen: “Dat speelt nog meer in de psychosomatische fysiotherapie. Onderling zeggen wij vaak dat de psychosomatische fysiotherapeut ook zichzelf als instrument inzet, naast de interventies die we toepassen.”

Eerstelijns praktijk

In Nederland verwijst de huisarts een op de twaalf patiënten door naar een fysiotherapeut. Bijna tachtig procent daarvan heeft een aandoening waarvoor geen verifieerbare lichamelijke oorzaak kan worden gevonden. “Ook is bekend dat 6 tot 32 procent van de mensen die een eerstelijnspraktijk voor fysiotherapie bezoekt, psychische problemen heeft”, zegt Van Wijk. “Dat betekent dat psychische en omgevingsfactoren een rol spelen in de praktijk van íedere fysiotherapeut. Daarom verdient de relatie tussen fysiotherapeut en patiënt veel meer aandacht.”

Medische oriëntatie

Afgelopen december gaven Van Wijk en Hagen een workshop over de klik en de therapeutische relatie tussen fysiotherapeut en patiënt op een congres van het Instituut voor Bewegingsstudies. In maart volgde een presentatie op het wereldcongres voor psychosomatische fysiotherapie in Madrid. Voorafgaand vroegen ze 35 fysiotherapeuten hoe belangrijk ze die klik vonden. “Heel belangrijk”, antwoordden de ondervraagden unaniem. “Fysiotherapeuten roepen het allemaal, maar we handelen er nog steeds niet naar”, zegt Hagen. Zo wordt er van alles en nog wat gemeten en geëvalueerd- pijnbeleving, kwaliteit van leven, gewrichtsuitslag- terwijl de kwaliteit van de relatie tussen patiënt en fysiotherapeut in geen enkele vragenlijst voorkomt. “Dat komt omdat de fysiotherapie nog steeds heel erg medisch georiënteerd is.”

Nieuwsgierig

Van Wijk en Hagen zijn nieuwsgierig naar het instrument dat Blnkr ontwikkelt, zodat patiënten sneller en gerichter een zorgverlener vinden die bij ze past. “Het zou kunnen dat zo’n vorm van matching bijdraagt aan een goede klik tussen patiënt en fysiotherapeut”, zegt Van Wijk. In haar eigen praktijk merkt ze dat patiënten die heel bewust voor haar als therapeut hebben gekozen, een andere houding hebben dan mensen die toevallig bij haar terecht zijn gekomen. “Ze zijn opener en weten beter wat ze willen halen. Dat maakt het makkelijker om een band op te bouwen.”

Bijsturen

Naast hun eigen praktijk werken beiden ook als docent bij de master fysiotherapie van Hogeschool Utrecht. In die hoedanigheid zijn ze vooral op zoek naar antwoorden op de vraag wat fysiotherapeuten zélf kunnen doen om een vertrouwensband met hun patiënten te smeden. Van Wijk: “Dan heb je het niet over matching, maar over het gedragsrepertoire van de fysiotherapeut. Hoe kun je bijsturen, reflecteren op jezelf en reageren op wat een patiënt nodig heeft? Hoe ga je om met weerstand van patiënten? Kun je afstand nemen van je eigen voorkeuren en switchen in aanpak als dat beter bij iemand past? Samen met onze studenten proberen we uit te vinden, hoe fysiotherapeuten de kans kunt vergroten dat er een klik ontstaat.”

Eén gedachte over ““De klik verdient meer aandacht in de fysiotherapie””

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *