“De relatie met de patiënt moet kloppen”

Harma Stenveld

Waarom is een goede klik tussen patiënt en behandelaar zo belangrijk? Hoe komt zo’n klik tot stand? Wat vraagt dat van zorgverleners en cliënten en wat levert het op? In deze interviewserie vertellen behandelaars en patiënten over hun ervaringen.

Een goede klik tussen arts en patiënt is de basis waar iedere medische behandeling op drijft, daar is dermatoloog Harma Stenveld van overtuigd. Nog meer sinds ze weet hoe het voelt om zelf patiënt te zijn. “Artsen moeten zich veel beter realiseren hoe belangrijk een vertrouwensrelatie is.”

Al twintig jaar heeft dermatoloog Harma Stenveld (52) een ernstige, chronische longaandoening. Ze zal nooit vergeten hoe bang en onzeker ze was na haar eerste longoperatie. Met de drains in haar lijf vroeg ze haar behandelend arts of hij kon aangeven hoe lang ze nog aan bed gekluisterd zou zijn. Komt het wel goed met mij?, was de bezorgde vraag die erachter lag. “Ach, dat kan twee dagen of twee weken zijn”, antwoordde de arts stoïcijns. “Of twee maanden”. En weg was hij. Stenveld: “Zo kil en koud, het interesseerde hem helemaal niets.” Ze had altijd gedacht dat ze een mondige patiënt was, maar ze liet het zich gewoon zeggen. Ook toen een andere arts midden op zaal zei: “Mensen zien niet aan jou dat je deze ziekte hebt, hoor. Die zien alleen een lange, slungelige vrouw.” Haar man was verbaasd dat ze niet protesteerde: “Op je werk had je je nooit zo te grazen laten nemen.”

Afhankelijk van de dokter

“Ik ben behoorlijk assertief, heb veel medische kennis en ik weet hoe het er aan toe gaat in ziekenhuizen”, zegt ze. “Maar nog steeds houd ik soms mijn mond als ik me onheus behandeld voel of geen antwoord op mijn vragen heb gekregen.” Hoe dat komt? “Omdat je afhankelijk bent van je arts. Je hebt hem nog nodig, er is geen gelijke relatie en je hebt geen zin in gedoe.” Artsen zouden zich veel beter moeten realiseren hoe kwetsbaar patiënten zich voelen, vindt ze. “Luister naar hun verhaal, toon oprechte interesse en verdiep je in de persoon en de verwachtingen van de patiënt. Pas als patiënten zich gehoord en gezien voelen, creëer je een vertrouwensrelatie. Dat is het fundament waar iedere behandeling op drijft.”

Vertrouwen

In de 25 jaar dat ze als dermatoloog in onder meer het Rijnstate Ziekenhuis werkte, had ze vooral  patiënten met chronische huidaandoeningen, zoals psoriasis, eczeem en vitiligo.  “Dat zijn ziektes die het dagelijks leven, het zelfbeeld en relaties ingrijpend kunnen beïnvloeden. Als huidarts ga je niet alleen met de aandoening aan de slag, maar ook met de gevoelens van de patiënt en het leed dat de ziekte meebrengt.” Dat lukt alleen als er vertrouwen is, zegt ze. Vertrouwen van de patiënt in de dokter. Maar ook andersom:  vertrouwen van de arts dat de patiënt alles vertelt over zijn aandoening en wat hem echt dwars zit. Stenveld: “Hoe meer patiënten me vertrouwden, hoe beter ik hen kon helpen om te gaan met hun ziekte. Als ze zagen dat ik mijn best voor ze deed, volgden ze mijn behandeladviezen ook beter op. Of ze durfden het eerder te vertellen als ze dat niet deden.” Ze vertelt over een patiënt die na een tijdje opbiechtte dat hij zijn medicijnen niet innam. Hij had iets in de bijsluiter gelezen, wat hij vreselijk eng vond. “Als je geen klik hebt, verzwijgen mensen dat. Dan denk je als arts misschien: die pillen werken niet.”

Beter communiceren

Toch hoort ze zowel artsen als patiënten nog steeds zeggen dat de medisch-technische kwaliteiten van de arts veel belangrijker zijn dan een goede klik tussen arts en patiënt. “Dat vind ik onzin. Gezien de kwaliteit van de artsenopleidingen in Nederland, mag je ervan uit gaan dat het wel goed zit met de technische bekwaamheid van de dokter. Het is de relatie tussen arts en patiënt waar de meeste winst valt te behalen. Zeker bij mensen met chronische aandoeningen.” Dat betekent volgens Stenveld vooral dat artsen van hun troon af moeten komen en beter moeten communiceren. Ook met patiënten met wie ze geen natuurlijke klik hebben. Maar artsen zouden ook moeten erkennen dat de ene patiënt hen beter ligt dan de andere. Of dat het soms ondanks alle inspanning nog steeds niet klikt. Net als in het dagelijks leven.

Wollig

“Ik ben van het praten. Een patiënt is meer dan zijn ziekte, ik wil me ook in zijn persoon verdiepen. Ook vind ik het plezierig wanneer patiënten me bij mijn voornaam noemen.” Niet iedereen voelt zich daar prettig bij. ”Sommige mensen hebben liever een directieve dokter die wat meer op afstand blijft en zegt: we gaan het zus of zo doen. Snelle zakenlui vinden mij misschien heel wollig.” Ze denkt dat iemand met huidkanker, die dat plekje er gewoon uit wil, niet op haar als dokter zit te wachten. Terwijl een patiënt die tobt met psoriasis juist blij is met een arts die ook eens zegt: “wat vreselijk rot voor je dat je dit hebt.”

Taboe

Het moet normaler worden dat artsen patiënten naar een collega doorverwijzen als de relatie niet goed is, vindt Stenveld. Dat is nog steeds taboe onder veel artsen. “Omdat het wordt gekoppeld aan falen van de arts. Terwijl het daar lang niet altijd mee te maken heeft. De relatie met de patiënt moet kloppen, dat moeten we veel serieuzer nemen. Het is dan wel geen liefdesrelatie, maar het gaat wel om je gezondheid en je kwetsbaarheid.” Daarom juicht ze het ook toe als er een instrument komt, dat patiënten helpt om een arts te kiezen die bij ze past. “Of de klik er echt is, moet natuurlijk in de praktijk blijken, maar waarom zou je niet zorgen dat de relatie op voorhand al aardig past?” Zorgverzekeraars zouden daar ook in mogen investeren, zegt ze. “Ik denk dat zo’n instrument niet alleen de kwaliteit van de zorg kan verbeteren. Het kan ook zorgkosten besparen, omdat patiënten weleens minder zouden kunnen gaan shoppen.”

Eén gedachte over ““De relatie met de patiënt moet kloppen””

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *